Nadat dit juweeltje van rurale bouwkunst dienst deed als nonnenklooster en pastorie kreeg het zijn voorlopige eindbestemming als resaurant en rustplaats voor wie even wil bekomen bij een kop koffie en een hemelse pannenkoek.

Echt veel verschil met vroeger is er dus niet.

Er is natuurlijk het feit dat missaal en brevier werden vervangen door een menukaart, die niet gehinderd door enige kennis der zeven hoofdzonden, zelfs de meest verstokte asceet in verleiding brengt.

In ieder geval heeft deze chef lak aan culinaire hokus-pokus.

Klassieke bereidingen waarbij het streven naar perfectie, van aankoop tot bord, de absolute voorrang krijgt.

De gastvrije ontvangst, onuitgesproken belofte tegenover al wie binnentreedt, is van een zelfde warmte als het smaakvolle interieur, waarin gastvrouw en -heer je als een welkome vriend verwennen.

Op zonnige dagen kan je ook op het groene terras terecht om je te bezinnen over alle goeie dingen die aan ons werden gedaan.

(WESTHOEKJES 2005)